Categorie

Columns

Begin deze week overleed Nico ter Linden. Hij was misschien wel Nederlands meest bekende dominee. Hij schiep ademruimte voor menig (half/on)gelovige. Ook in mijn leven trok hij sporen.
‘Die melodie ken ik toch ergens van?!’ – ‘Ja, het komt mij ook bekend voor.’ Mijn muziekvriend en ik zaten in de auto op de terugweg na een indrukwekkend optreden van Sam Baker. In de cd-speler muziek van Baker. ‘Het doet me denken aan iets religieus’ – ‘Zou zomaar kunnen.’
Het is dit jaar vijftig jaar geleden dat Johnny Cash een legendarisch concert gaf in Folsom Prison. Legendarisch, vanwege het publiek van zware jongens. Wie het album beluistert, hoort nog de geladen sfeer die er in de zaal hing. Maar ik moet bij het concert altijd denken aan één van de gedetineerden: Glen Sherley.
Afgelopen juni liet het netvlies in mijn rechteroog los. Wie wil lezen over het hoe of wat, moet op deze site maar even terugbladeren: ik schreef er al uitgebreid over. Maar waar het hier om gaat is dit: behalve een schrik bleek het toch ook een zegen.
Column

Kerstdip

Ook dit jaar slaat het virus weer toe. Ik heb het bij mijzelf en anderen de afgelopen week al een aantal keren gesignaleerd. Lange tenen. Snel ontregeld. Op je strepen gaan staan. Daar vervolgens zelf ook weer last van hebben. Het zijn allemaal symptomen van de (pre-)Kerstdip.
Hoewel ik popliefhebber ben in hart en nieren, is het mooiste muziekstuk uit de 20ste eeuw dat ik ken een klassiek werk. Het is ‘Appalachian Spring’ van de Amerikaanse componist Aaron Copland. Het is een balletstuk. Toen ik het voor het eerst hoorde, werd ik van mijn sokken geblazen.
Hij is geen lid van onze kerk, maar wel onze meest trouwe kerkganger. Hoewel hij nooit binnenkomt. Ra, ra, wie of wat is het? Het is onze kerkkat. Hij slaat geen kerkdienst over. Voor aanvang is hij altijd te vinden op ons pad.
Het kan nog net. Want nog een paar dagen en dan is de maand oktober alweer voorbij. En dus lees ik vandaag op de valreep van de maand het gedicht dat ik elk jaar in deze maand lees: ‘Poem in October’ van Dylan Thomas. En het moet eigenlijk ook vandaag gelezen worden, want 27 oktober is Thomas' geboortedag. En daarover gaat het gedicht.
Ik krijg normaal al een brok in m’n keel als ik het liedje hoor. Maar de tranen stonden helemaal in mijn strot toen ik het mijn geliefde naast me luidkeels mee hoorde zingen. ‘Kinderen van Maria, kinderen van Maria door de straten, en ze spelen: Salve, salve, salve regina.’
Column

Dementie

De dichter Rutger Kopland schreef ooit een gedicht over zijn demente moeder. Het heet ‘De moeder het water’. Poëzieliefhebbers herkennen in die titel een variatie op het gedicht 'De moeder de vrouw' van Martinus Nijhoff. Kopland gebruikte dan ook dezelfde vorm en stijl voor zijn gedicht. Het begint met de volgende regels: