In de inleiding van dit boek legt Han zijn kaarten meteen op tafel: ‘Sinds enige tijd is Simone Weil in me gevaren. Zij heeft een plek veroverd in mijn ziel. Nu leeft en spreekt ze in mij verder.’ Dat is niets teveel gezegd. Hoewel de ondertitel spreekt over een ‘dialoog’ met Simone Weil, is hij veeleer haar spreekbuis.









