Ik laat hen meestal zelf het gespreksonderwerp bepalen. In een van de groepen werd laatst gekozen voor ‘vluchtelingen’. Hoe kan het ook anders? Niemand kan er de afgelopen tijd omheen. En in de kerk willen we er ook niet omheen. Wat zeg ik? We lijken het thema wel te omármen.

Niet dat het een en al idealisme is. Want – en zo kom ik bij het punt van dit stukje – er bleek grote verontrusting te bestaan onder deze jonge gemeenteleden. Je wilt niemand aan je poort laten staan. Maar daarmee is het laatste woord niet gezegd.

Wat kan er allemaal niet aan gajes meekomen onder de stroom asielzoekers? En welke cultuur brengen ze mee? Hebben we net een beetje gelijkheid onder vrouwen en homo’s bewerkstelligd, krijgen we misschien mensen over de vloer die met die gelijkheid niet om kunnen gaan. Let wel, dit was vóór ‘Keulen’.

De ene reactie haalde de ander uit. Alsof er een deksel van een pan ging. Eén bekende dat haar vriend (niet aanwezig) wel erg zwart-wit denkt. Ze schaamt zich er een beetje voor. Maar anderzijds maakt ze zich zelf ook wel grote zorgen. In wat voor land zullen haar kinderen straks opgroeien? Een ander vertelde over een zus in de wijk Kanaaleiland (Utrecht) die geen leven heeft door Marokkaanse jongens die haar intimideren. En dan die Koran: staan daar geen vreselijke dingen in?

Afijn, u voelt wel: Wilders zou zich in de handen wrijven. Alles werd op één hoop gegooid. Mijn manier van reageren? Een beetje standaard, vond ik zelf: dat ook het christendom een vergelijkbare geschiedenis kent van geweld. Dat de Bijbel nota bene een vluchtelingenboek is, maar tegelijk ook niet onverdeeld vredelievend. Dat… Nou ja, u kent de riedel waarschijnlijk. Helpen deed die trouwens niet echt.

Het punt is: deze jonge gemeenteleden zijn bepaald geen Wilders-fans. Het zijn anderzijds ook geen idealisten die overal problemen zien behalve bij de stroom vluchtelingen. Deze jonge gemeenteleden behoren bij de tussentonen. Tussentonen die zich nauwelijks hoorbaar kunnen maken in het verbale geweld tussen zwart en wit.

Als ze horen van het tuig dat gemeentehuizen belaagt bij demonstraties tegen AZC’s slikken ze meteen hun eigen vragen in: ze willen er niet mee geassocieerd worden. En tegenover de idealisten zijn ze bang om voor gewetenloos versleten te worden en dus houden ze ook hun mond. Maar ondertussen houden ze hun hart vast voor de toekomst. Er leeft veel zorg in die jonge harten, merkte ik tot mijn verbazing.

Daar moet ik niet allereerst een boodschap vóór hebben, maar een boodschap áán. Met alleen een politiek correcte houding neem ik hen niet serieus. Een kerk moet ook een plek zijn waar je een oprecht hart kunt luchten. Maar ik wist er even niet zo goed weg mee. Nog steeds niet, moet ik bekennen.