Ik was wat huiverig geweest om hem te vragen. Had hij het niet al veel te druk als nieuweling? Maar ik had mijn schroom overwonnen. Ik vond het een veel te mooi initiatief. Al een paar jaar zaten mijn collega Annette en ik namelijk beurtelings in het etablissement. Voor wie maar een dominee wil spreken - ook als je niet van een kerk bent.
Maar Annette vertrok naar een andere gemeente. Ik vreesde dan ook even voor ons initiatief. Want ik kan het niet alleen dragen. Met haar vertrek komt er al veel werk op me af. Dus ik dacht: ‘Ik vraag collega Johan.’ Ik heb hem in die korte tijd leren kennen als een nuchter en joviaal mens. De drempel was dus snel genomen.
Hij zei meteen: ‘Da’s goed’. En denk er een wat zachte g bij, want hij komt oorspronkelijk uit Brabant. En dus liepen we afgelopen dinsdag gebroederlijk naar het eetcafé om hem wegwijs te maken op die voor dominees zo afwijkende werkplek. Daar gekomen bestelde ik meteen appelgebak. Doe ik normaal niet. Wie boven de 60 is, moet letten op zijn lijn. Maar er viel nu iets te vieren.
Voor we het wisten zaten we in een levendig gesprek. Maar regelmatig moest hij even onderbreken. ‘O, kijk daar loopt die-en-die.’ Het eetcafé staat namelijk aan de rand van ons winkelcentrum. Met uitzicht op het marktplein. En als het dan ook nog eens marktdag is, is het een gaan en komen van mensen.
‘Kijk, daar gaat…hoe heet ze ook alweer?’ Gelukkig heeft broeder Johan weleens moeite om op namen te komen. Onze verwantschap wordt er alleen maar groter door. Maar hij spotte niet alleen anderen, anderen hadden ook ons in de gaten. We kregen al snel aanloop. De kop was er af.

Column
Nico ter Linden
Begin deze week overleed Nico ter Linden. Hij was misschien wel Nederlands meest bekende dominee. Hij schiep ademruimte voor menig (half/on)gelovige. Ook in mijn leven trok hij sporen.
3 februari 2018

