‘Nieuwe’, want er is er al een aantal verschenen in de loop van de tijd. Michael Streissguth en Stephen Miller publiceerden al veelgeprezen boeken over de countrylegende. En Cash zelf tekende het verhaal van zijn leven ook al eens op. Twee keer zelfs. Toch weet Hilburn zelfs ook de doorgewinterde fan van Cash nog te boeien – vooral omdat hij nieuwe feiten aan het licht brengt.
Die feiten hebben weliswaar niet de omvang van de tachtig resterende procent die Robin suggereerde, maar ze zijn wel belangwekkend. Ik zou ze zo in één zin weer kunnen geven: Hilburn prikt de mythe door als zou Cash na zijn huwelijk met June Carter zijn leven hebben gebeterd.
Uit andere biografieën wisten we al dat de film ‘Walk The Line’ een te rooskleurig ‘Hollywood-beeld’ geeft van het leven van de zanger. De film suggereert dat met het huwelijk van Johnny en June de zanger voorgoed op het rechte pad is gekomen. Eind goed, al goed! Maar sprookjes bestaan niet en in de popmuziek al helemaal niet.
Een van Cash’ bekendste nummers is weliswaar ‘I Walked The Line’, maar ook na zijn huwelijk met June had hij kortstondig andere relaties. Hij kon bovendien bij tijden nog steeds niet van de drugs afblijven. En dan: ook June was niet brandschoon. Zij geldt als zijn reddende engel, maar deed ook meer dan eens een greep in de pillendoos. Het is Hilburns verdienste dat hij deze dingen boven tafel heeft weten te krijgen.
Toch rijst ook uit deze biografie niet het beeld op van een egoïstisch man. Integendeel, zelfs de grootste hater van countrymuziek moet bij het lezen van dit levensverhaal van Cash gaat houden. Want voor alles was hij een eerlijk man die zijn schaduwzijden niet verborg. Hij kwam er voor uit. En: met oprechte spijt en schaamte. Want altijd probeerde hij zijn lichtzijde te zoeken. Hij wist zich daarbij diep afhankelijk van zijn geloof in God.
De apostel Paulus schrijft ergens: ‘Als ik het goede wil, is het kwade mij nabij.’ Johnny Cash is de vleesgeworden illustratie van deze zin. Zou Cash zich daarom zo verwant hebben gevoeld met Paulus? Want dat was het geval. Cash schreef zelfs een roman over de apostel: ‘The Man in White’!
De biografie van Hilburn vertelt verhaal van Cash vanaf zijn jeugd in Dyess tot aan zijn dood op 71-jarige leeftijd in Nashville. Daartussen speelde zich een leven met grote hoogten en diepe dalen. We volgen hem als hij in 1955 in navolging van Elvis Presley onzeker van zichzelf zijn geluk zoekt bij SUN-records in Memphis. We zien zijn ster rijzen, maar ook al snel de schaduwen van de drugs opdoemen. We zijn getuigen van zijn glorietijd, zijn val, maar ook van zijn comeback in de jaren negentig toen hij de ‘American Recordings’ opnam.
Eindelijk verschijnt een biografie over Cash nu eens in het Nederlands. Het werd tijd! Wie dus alles wil weten over deze bijzondere man en intrigerende zanger, kan zijn hart ophalen. Het boek is met vaart geschreven. Soms is het weleens te gedetailleerd, vooral waar het plaatopnames betreft. Maar zo’n passage kun je gemakkelijk overslaan, om je vervolgens weer me te laten slepen door het verhaal van een icoon die eerst en vooral mens was.

Column
Glen Sherley
Het is dit jaar vijftig jaar geleden dat Johnny Cash een legendarisch concert gaf in Folsom Prison. Legendarisch, vanwege het publiek van zware jongens. Wie het album beluistert, hoort nog de geladen sfeer die er in de zaal hing. Maar ik moet bij het concert altijd denken aan één van de gedetineerden: Glen Sherley.
17 januari 2018
