Bij het hardop lezen voelde ik mijn stem op bepaalde punten onzeker worden. En kreeg ik bij die-en-die zin nu zelfs het gevoel dat mijn keel werd dichtgesnoerd? Ik wist genoeg: ik moest het zeker nog een paar keer hardop lezen! Het hielp. Ik kon mijn aandeel met droge ogen uitspreken. Maar het ging bijna mis op een ander moment.

Tijdens de dienst zou een lied uit de musical ‘Paulus’ gezongen worden. We hadden die musical een keer met een grote groep gemeenteleden opgevoerd. Collega Annette had ook meegedaan. En nu had ze twee zangeressen gevraagd om Psalm 121 tijdens de afscheidsdienst te zingen. Maar we hadden een verrassing voor haar.

Na het eerste couplet zou de hele groep die ooit had meegewerkt her en der uit de kerkbanken opstaan en zingend naar voren komen. Ik wist wat er ging komen. Maar toen het gebeurde en dat prachtige lied uit vele kelen uit verschillende hoeken van de kerk klonk, en de zangers en zangeressen zich lopend aaneensmeedden tot een koor -, toen had ik, zeg maar, even een Máxima-momentje.

Voelde ik daar nu een traan langs mijn wang? Ik schrok er zelf van. Het moet niet te gek worden! En toen ik collega Annette zelf zich zag samenpakken en ze ferm ging meezingen, sprak ik mezelf vermanend toe: kom op zeg! Bovendien moest ik die ene tekst zo meteen nog uitspreken.

Toch schaam ik mij niet voor die traan. Ik weet zeker dat menigeen een traantje heeft weggepinkt. Het toont alleen maar hoe goed we het met elkaar gehad hebben: als collega’s en als geloofsgemeenschap. En we gunnen haar van harte een nieuwe weg. Maar het missen was al begonnen voordat ze weg was.