Het christendom heeft daar handig op ingespeeld. Het bouwde niet alleen haar kerken op (de restanten van) heidense tempels, het nam ook rituelen en feesten over en gaf er haar eigen draai aan. De verering van de zon werd een verering van de Zoon. Geen sterke held, maar een kind. Hij bracht het licht in een duistere wereld.

Gaat de slinger nu weer de andere kant op? Vorige week zat ik wat te zappen en ving het volgende op. Er werd iemand gefilmd die zijn hele huis zwaar had opgetuigd met lichtjes en kerstversierselen en daar enthousiast over sprak. Tot hem werd gevraagd of hij nog wist waar het Kerstfeest over ging. Hij viel stil, zocht naar een antwoord, maar vond het niet. Hij en ik staarden in een leegte.

Het is opvallend dat met het toenemen van het religieus analfabetisme, Kerst zo mateloos populair blijft. Met Pasen als goede tweede. Ze worden steeds uitbundiger gevierd. Van welke god worden deze feesten? Zware woorden. Een aantal jaren geleden zou ik ze niet gebruikt hebben. Ik zou gezegd hebben: bij het kerstkind is iedereen welkom – religieus analfabeet of niet. En dat neem ik nog steeds voor mijn rekening. Maar het probleem is: steeds minder mensen nemen de uitnodiging aan.

Het kind is Gods manier om ons te komen bekeren. Maar het dreigt door alle Kerstmedleys overstemd te worden. Wat komt er voor in de plaats? Niets behalve gezelligheid? Ik ben er niet zeker van. Ik hoor steeds meer mensen een beroep doen op 'onze tradities', ook de joods-christelijke, terwijl het er bij veel van deze mensen duimendik bovenop ligt dat zij van toeten noch blazen weten als het gaat om kennis van die traditie. Ze hebben de (kerst)klok horen luiden, maar weten niet meer waar de klepel hangt. Wat zij 'onze tradities' noemen, is slechts de vlag op hun ideologische modderschuit die maar één koers kent: 'de Nederlandse identiteit' versterken.

Van de theoloog Miskotte heb ik geleerd dat er drie typen mensen zijn: jood, christen, heiden. Beetje ouderwetse  onderscheiding. Er is wat op af te dingen en/of wat aan toe te voegen. Maar inderdaad: er is ook de heiden. Hij zit ergens diep in ons allemaal. Krab het humanistische, joods-christelijke laagje er af en je vindt hem. Hij lijkt niets meer te geloven. Maar in zijn lege hart sluimeren krijgshaftige goden.

Te midden van die sluimerende goden, wordt een kind geboren. Gods stem is zwak.