De Peaky Blinders hebben echt bestaan. Ze vormden in de jaren rond de Eerste Wereldoorlog een gangerbende in de Engelse stad Birmingham. Daar speelt ook de serie. Aan het hoofd van de bende staat Tommy Shelby, bijgestaan door familieleden waarvan broer Arthur de belangrijkste is. Beiden hebben gevochten in de Grote Oorlog en hebben daar een meedogenloze instelling aan overgehouden.
Ze leiden aanvankelijk een wat louche en illegaal gokkantoor (in de eerste seizoenen te zien). Maar gaandeweg worden ze rijker. Toch verloochenen ze nooit hun zigeunerafkomst. Al gaan ze wonen in steeds grotere huizen, woonwagens zijn nooit ver in de serie.
We treffen Tommy Shelby in dit vijfde seizoen als een man in bonus. Hij lijdt weliswaar nog steeds erg onder het verlies van zijn eerste vrouw, maar hij is hertrouwd en heeft een zetel in het Lagerhuis weten te verwerven. Leuk om dat inmiddels zo bekende Lagerhuis te zien in twintiger jarenstijl: donker en er wordt nog volop gerookt.
Maar het gaat de Peaky Blinders (de naam Peaky Blinders is afgeleid van de scheermesjes die zijn verwerkt in de petten die de mannen dragen) niet voor de wind. Door de beurskrach op Wall Street wordt een vermogen verloren. En er zijn steeds weer rivaliserende bendes. En wat hun persoonlijk leven betreft: het huwelijk van Arthur lijkt geen stand te houden. Bovendien ontstaat door de beurscrach in de familie onderling wantrouwen.
En dan is er het opkomend fascisme. Het is een van de
belangrijkste rode draden in de afleveringen van dit seizoen. Ik wil geen
spoiler weggeven, maar de ontwikkeling van deze lijn in het verhaal zal bloedstollend
zijn. Gaandeweg lijkt alles uit de hand te lopen.
Het knappe van de serie vind ik dat je regelmatig meevoelt met de hoofpersonen – ondanks hun meedogenloosheid. Ze worden getoond in hun kwetsbaarheid en angst. Vooral bij de persoon van Arthur ga je heen en weer tussen afkeer om zijn grenzeloze wreedheid enerzijds en medelijden vanwege zijn even grenzeloze domheid anderzijds. Soms tovert hij zelfs een glimlach op je gezicht.
Tom blijft in alles de koele, mysterieuze leider van de bende die de lijnen uitzet. Onberispelijk gekleed in driedelig pak met deftige jas en stijlvolle pet zet hij met staalharde ogen de toon. En toch kent hij ook zijn zwaktes. Dat maakt de serie zo boeiend: je leeft met hem mee in wat hij beoogt en tegelijk kijk je vaak met afschuw naar zijn daden. Hoor ik daar de naam van de Sopranos?