Ik kende Frisell voornamelijk van zijn werk met andere artiesten, zoals Lucinda Williams, Chantal Acda of Sarah Siskind. Frisell weet zijn kenmerkend zachte spel dienstbaar te maken aan tal van andere genres, zoals country en folk. Frisell is een veelgevraagd, flexibel en creatief musicus.

Maar in de jazz is hij op eigen terrein. En het leek me goed
om in deze rubriek ook eens de schijnwerper op een jazz-plaat te richten.
Frisell ligt dan voor de hand, want – zoals gezegd – hij is toonaangevend.

Het spel van Frisell is uiterst subtiel: een heldere, cleane
sound met een goeie reverb, af en toe gelardeerd met een tremolo – ziedaar het Frisell-geluid
dat meteen te herkennen is. Maar het is vooral de subtiele aanslag van de
snaren die hem tot meestergitarist maakt. Friselle is geen ‘nootjesboer’ zoals
ik het altijd noem: musici die wel virtuoos snel nootjes aan elkaar kunnen
rijgen, maar wier spel je misschien niet eens weet te raken. Frisell laat in
zijn – vaak melancholieke – werk horen dat de kunst zit in het nootjes weglaten
en de nootjes die wel gespeeld worden diepte te geven.

Dat alles is te horen op deze cd. Veel werk op dit album is niet nieuw, maar het krijgt wel een nieuw jasje. Nummers als ‘Levees’ en ‘Electricity’ schreef hij eerder voor films. ‘Hour glass’ werd gemaakt bij het gedicht ‘Kadish’ van Allan Ginsbeg. Maar er staat ook nieuw werk op. Een van de nummers op de cd die er voor mij uitsprong is ‘Keep Your Eyes Open’, een vrolijk nummer dat begint met een mooie baspartij (van Thomas Morgan). ‘Wagon Wheels’ heeft ook die opgewekte toon. Gewoon mooie, melodieuze nummers.

Maar de luisteraar komt ook wat tegendraadser en complexer werk tegen: ‘Aunt Mary’ en ‘Babe Drame’ (van de Malinese songwriter Boubacar Traore) bijvoorbeeld. Maar ook het dromerige en melancholieke krijgt een plek: ‘A Flower Is A Lovesome Thing’. Standards schuwt Frisell ook niet: ‘What The World Needs Now’ en ‘We Shall Overcome’, waarmee hij telkens zijn shows afsluit – als hoopvolle bemoediging in deze barre tijden.

Tot die barre tijden hoort niet alleen het tijdperk Trump, maar ook corona. Door dat laatste kon Frisell dit najaar niet naar Europa komen. We moeten nog een jaartje wachten. Maar tot die tijd hebben we het album. Waar maar één minpuntje over valt te noemen: waarom niet meer akoestisch zoals op ‘Where Do We Go’ (al eerder uitgebracht op elektrische gitaar)? Wat een toets, wat een beheersing, wat een prachtig nummer!