Het is goed wandelen in de driehoek Zeerijp-Leermens-Wirdum. De Vos doet het dagelijks en kijkt haar ogen uit. En ze leert het ons ook. Je zou op school een landschapsleesles moeten hebben, vindt ze. Want wie aandachtig kijkt, leest de geschiedenis aan een landschap af.

Die geschiedenis is in haar geval heel rijk: Groningen – we
vergeten het in de Randstad vaak – herbergt een van de oudste
cultuurlandschappen van Nederland. De oudste kerken staan niet in de grote
steden van het westen, maar hier op het platteland.

Ook wat dat betreft gaat er niets boven Groningen. Ja, zee en Zweden, zo schrijft De Vos in het openingsgedicht. Maar haar blik wordt tijdens een wandeling door een woerd naar beneden gericht. ‘Voel de warmte op je gezicht, zie ’t vroege blad / van vlier. Je keek te ver. Dat wat je zoekt is hier’. Nu weet u ook meteen waar de titel van haar boekje vandaan komt.

Maar behalve over het lezen van het landschap gaat het ook over verlies en loslaten, over de werkelijkheid die niet te bevatten is en die een spoor naar God lijkt te zijn (als ze kon geloven), en over de dingen nemen zoals ze zijn. Een landschap en het daarin wandelen nodigt uit tot filosoferen en mediteren.

Haar ‘wandeling’ eindigt bij de constatering dat het denken ons niet tot de zin van de dingen brengt. De zin is gelegen in de vanzelfsprekendheid van de dingen en die zin moet ons vanzelfsprekend toevallen. Noord-Groningen spreekt kennelijk 'vanzelf' van zin en betekenis.

Marjoleine de Vos schrijft werkelijk prachtig: zacht, subtiel en liefdevol, maar tegelijk diepzinnig. De tekst verraadt de hand van een dichter. Wat we van haar horen werkt zo aanstekelijk, dat ik er bijna zelf zou willen gaan wonen. Is het een van die ‘thin places’ waarvan de Keltische spiritualiteit zegt dat ze een transparant zijn voor de Eeuwige? Kennelijk.

Wat we echter niet horen van De Vos is dat het ook aardbevingsgebied is. Het landschap wordt er ook geschonden. Ik kijk dus bij nader inzien maar niet op Funda. Het boekje leert mij wel met nieuwe ogen wandelen in mijn eigen landschap. Maar ik ga zeker ook een keer naar dit oude noorden. Met het boekje in de hand.